Corona perikelen

De Corona pandemie heeft een grote impact op de te onderscheiden zorgsectoren. Gevolg is in ieder geval dat er extra zorg is verleend in het kader van Corona waarvan het onduidelijk is hoe die, al dan niet extra, zal worden bekostigd en of deze past binnen de bestaande (tarief)structuren. Daarnaast is de gewone zorg in het gedrang gekomen (onderbenutting of capaciteitsverlies) waardoor er minder reguliere zorg is verleend. Daarvan kan men zeggen dat deze eigenlijk al bekostigd is via de al bestaande afspraken met zorgverzekeraars en de premiestelling, echter het is afhankelijk van hen en de vorm van de gemaakte afspraken hoe deze uiteindelijk voor zorginstellingen en beroepsbeoefenaren (niet in loondienst) zullen uitpakken.

Compensatie en achter de voordeur

De ziekenhuizen willen zoveel mogelijk compensatie wat ook logisch en nodig is om de continuïteit van de dienstverlening te garanderen voor nu en de toekomst. Het is wel de vraag hoe de verdeling achter de voordeur van de zorginstelling zal plaatvinden. De FMS (Federatie Medisch Specialisten) vindt het belangrijk dat ook MSB’s (medisch specialistische bedrijven) kunnen rekenen op financiële compensatie. De insteek is dat afspraken tussen zorgverzekeraars en ziekenhuizen over kostencompensatie en neutralisatie van de omzet binnen ziekenhuizen doorvertaald worden naar de MSB’s. Het is echter zeer de vraag of dit één op één zal gebeuren. De jarenlange ervaring leert dat er tussen ziekenhuizen en MSB’s geen werkelijk gelijkwaardige en evenwichtige verhouding bestaat en er tevens weinig empathie bestaat bij de bestuurders van deze zorginstellingen als het de inkomens betreft van de zorgprofessionals.

Interne verdeling en LOGEX verdeelmodel niet zo eenvoudig en rechtvaardig?

Een tweede probleem vormt de interne verdeling binnen de MSB’s. De FMS heeft via de Commissie Verdeelmodel en Normtijden aan LOGEX gevraagd tot te komen met oplossingsrichtingen voor de omzetverdeling over het jaar 2020, waarbij aansluiting zal worden gezocht bij de landelijke en lokale afspraken omtrent de compensatie voor ziekenhuizen. Nu is het bestaande LOGEX model niet ingericht op de vergelijking tussen medisch specialismen maar geeft op basis van een FTE rekenformule een omzetverdeling uitgaande van een gemiddelde omzet. De verwachting is echter dat er nu grote verschillen kunnen ontstaan in productiviteit, geleegde inzet, de (DBC) tariefstructuur die niet aansluiten bij de LOGEX systematiek echter daaraan gekoppeld wel weer tot bijzondere uitkomsten kunnen leiden. Daarnaast is het de vraag in hoeverre er een toerekenbare verwijtbaarheid bestaat voor een specialisme bij een grote terugval van de productie. Hierbij voegt zich een derde probleem. De ziekenhuizen hebben immers vaak eenzijdig besloten (na ROAZ overleg) tot het al dan niet sluiten van afdelingen en het al dan niet verlenen van reguliere zorg. In veel situaties had de reguliere zorg wel degelijk in een bepaalde mate kunnen doorlopen en is er sprake geweest van een min of meer paniekbeleid.  In hoeverre zal dat in een verdeelmodel kunnen worden verdisconteerd? En weer een andere complicatie vormt dat zowel met betrekking tot eventuele landelijke financiële afspraken of een landelijk te hanteren intern verdeelmodel er verschillen bestaan tussen zorginstellingen afhankelijk van de regio en de mate waarin de pandemie zich heeft gemanifesteerd.

Voorkomen van het negatieve effect van de snelheid

De FMS wil vanaf mei 2020 komen met handreikingen. Dat zal te vroeg zijn aangezien de effecten nog niet geheel inzichtelijk zijn en de tijd te kort is om te komen tot een weloverwogen verdeelmodel. Daarnaast moeten de besprekingen met de ziekenhuizen veelal nog worden opgestart. Voorkomen moet worden dat er een vergelijkbaar paniekvoetbal zal worden gespeeld op basis van onjuiste veronderstelling zoals in 2014 heeft plaatsgevonden met betrekking tot het fiscaal ondernemerschap. Achteraf blijkt de MSB structuur niet alleen als een monstrum uit te pakken in een aantal situaties maar ook fiscaal van geen enkele toegevoegde waarde te zijn. Waar niet gekozen is voor het landelijke model, in combinatie met het wurgcontract voor een samenwerkingsovereenkomst, is er nog steeds sprake van fiscaal ondernemerschap met meer raakvlak tot menig ondernemersrisico. De druk van de so called fatale datum van 1 januari 2015 maakte alles vloeibaar. Zelfs gewone ene kloppende ondernemersstructuren. De discussies lopen nu nog steeds met de belastingdienst en de verhoudingen tussen de MSB’s en de zorginstellingen zijn omgekeerd onevenredig niet gebaseerd op gelijkgerichtheid maar op een economische afhankelijkheidspositie van de MSB’s die niet aansluit bij goed ondernemerschap en het creëren van goede onderlinge relaties. Voorzichtigheid is dus geboden. Voor je het weet wordt er weer een relatie gelegd met het overgaan in loondienst.

We zijn u graag behulpzaam met advies en het begeleiden of voeren van besprekingen of onderhandelingen.